GTD: doe ik mee?

Leestijd: 4 minuten

Sinds enkele jaren is mijn papa heel erg geïnteresseerd in de GTD (Getting Things Done)-methode en geeft hij er trainingen in. Hij probeert me al een tijd te overtuigen dat ik er ook iets aan kan hebben, en kocht voor mij het GTD boek voor jongeren. In het begin had ik absoluut geen zin om dit boek te lezen, omdat ik thuis al elke dag de woorden ‘gtd, lijst, plannen & organiseren’ hoorde. Ik verwachtte er niet veel meer van. Ook was ik er van overtuigd dat dit niets voor mij zou zijn, aangezien ik een sloddervos ben en dingen liever op mij laat afkomen (het omgekeerde van gtd dus ;)).

Bij GTD zijn de vijf stappen essentieel: verzamelen, beslissen, organiseren, reflecteren en doen. Het is de bedoeling dat je deze stappen toepast bij alles wat je doet. Na dit te hebben gelezen dacht ik meteen: ‘ga ik echt elke keer al die stappen toepassen? Probably not’. Voor mij persoonlijk is deel één van het boek te langdradig, de uitleg over de stappen duurt wat te lang. Puur inhoudelijk geloof ik wel dat je met deze stappen je leven een stuk ordelijker kan krijgen. Het idee om een paar verzamelbakjes te hebben (zowel ergens in je bureau als op je gsm) is ideaal, zeker voor mensen met het geheugen van een goudvis zoals ik. Ik snap dat dit je hoofd leegmaakt, je moet niet meer peinzen en stressen om het feit dat je dit niet mag vergeten want je schrijft het meteen op en legt het weg.

De drie routeplanners die verder in het boek worden besproken (agenda, actielijst en projectenlijst) zijn superhandig. Zelf zet ik soms wel dingen in mijn agenda op mijn gsm, maar vergeet ik er gewoon naar te kijken. Ik zet er zowel ontmoetingen, acties, data als projecten in. Het is veel handiger om drie verschillende lijsten te hebben, en deze op regelmatige basis te bekijken. Dit moet niet lang zijn, gewoon één keer per dag bij het opstaan en één keer bij het slapen gaan. Wanneer ik een project in mijn agenda zet vergeet ik dit na een paar dagen al, en na een tijd denk je ‘oh nee, ja nu is het toch te laat om er nog iets van te maken’. Ook al lijkt het zo ver weg en moet je nog zoveel stappen zetten voor je aan de finish bent, een actielijst is perfect hiervoor. Zo lijkt je project haalbaar.

De twee-minutenregel is iets waarvan je je in eerste instantie afvraagt waarom deze in het boek staat. Het lijkt vanzelfsprekend dat je deze kleine klusjes zoals een papier afprinten of een paar kleren plooien meteen doet, maar toch doen we het vaak niet. Uitstelgedrag is onze beste vriend. We weten wel dat het in 1,2,3 gedaan is, maar stellen het toch uit waardoor er na een tijd een berg domme klusjes op je staat te wachten. Dit merk ik maar al te goed bij mezelf. Ik ga mijn uiterste best doen om hier vanaf nu meteen in te vliegen.

Het laatste deel van het boek gaat over je ‘horizon’, die wordt bepaald door zes perspectieven die worden voorgesteld in de vorm van een piramide. Je begint onderaan met je acties, projecten en rollen en stijgt naar doelen, je toekomstbeeld en uiteindelijk je levensdoel. Het is heel aanmoedigend om voor jezelf doelen en een toekomstbeeld op te schrijven, hoe zot deze ook mogen zijn. Als je even niet meer weet waarom je nu weer één of andere onnuttige taak moet maken of weer iets tegen je goesting moet doen, kan het je moed geven om hier toch aan verder te werken. Zelf ben ik van plan om mijn piramide op mijn muur in mijn kamer op te hangen, zodat ik eens naar de top ervan kan kijken wanneer ik in een dipje zit en zeggen ‘komaan Mila, you can do this’.

Wanneer het woord ‘organiseren’ nog maar op mijn papa’s lippen ligt, rol ik al met mijn ogen. Na het lezen van dit boek snap ik hem wel. Ons brein is een fantastisch iets, maar het heeft zijn limieten. Wekelijks vertel ik mijn papa iets wat ik nog moet doen of kopen en dan volgt telkens weer hetzelfde gesprek, dat als volgt gaat:

Ik: ‘Oh ik moet nog bellen naar die vriendin’/’Ik moet nog een cadeau kopen!’

Papa: ‘Hoe ga je dat onthouden?’

Ik: ‘Dat onthoud ik zo wel’ (hier 100% van overtuigd)

Papa: ‘Niet waar, schrijf het nu in je agenda, anders vergeet je het sowieso.’

Elke keer begin ik al op mijn tanden te bijten omdat ik denk ‘not again’, maar I get it now. Mijn papa heeft gelijk, David Allen heeft gelijk, alle mensen die dit beweren hebben gelijk. Er gaan altijd mensen zijn die denken dat zij de uitzondering zijn en wanneer mijn papa hen zou vragen ‘en hoe ga je dit onthouden?’, zij zullen antwoorden ‘oh ik onthoud dat zo wel’. Nu geloof ik dat niemand hiertoe in staat is, en dat het echt beter is om alles meteen op te schrijven en weg te leggen.

Ik kan dan wel zeggen dat ik een sloddervos ben en niks aan dit boek zou hebben, maar dan zou ik liegen. Een sloddervos is maar een benaming, je kan deze zo veranderen. Je moet gewoon willen veranderen hierin.

Dussss… aan mijzelf, mijn papa & aan gtd: IK DOE MEE!

door Dirk Vercruysse op 03 mei 2019
Meer blog posts in de categorie gtd

Heb je nog vragen

Contacteer ons

Je mag ons alles vragen … over GTD, onze opleidingen, GTD oplossingen voor jouw uitdagingen ... Geef een belletje, stuur een bericht, lok ons met een expresso. Wij maken zsm tijd voor jou!

Wil je graag weten hoe wij omgaan met je persoonlijke gegevens?

0496 57 43 98
Linkedin Twitter